Wéér een brievenboek van Reve…

De eerste brief die ik mocht ontvangen van Gerard Reve.

Eens een Reve-fan, altijd een Reve-fan, dus toen ik vandaag (21 januari 2022) dit bericht in De Volkskrant tegenkwam, veerde ik even op: een lang artikel over nieuw werk van De Grote Volksschrijver; het zou raar zijn als ik dat over zou slaan (niet voor niets schreef ik op dit weblog meermalen over de auteur van De Avonden, Nader tot U en De Taal der Liefde).

Maar het is wel jammer dat het wéér een brievenboek is dat binnenkort uit gaat komen, want – laten we wel wezen – daar hadden we intussen wel genoeg van. Zo ben ik indertijd opgehouden met het lezen van Brieven aan Ludo P. Ik heb de inleiding gelezen (waarin Reve op nogal goedkope wijze de maritieme beeldspraak consequent handhaaft; Ludo P. was namelijk ‘havenbaron‘) en nog een paar brieven van de bundel en toen gaf ik er de brui aan. Ik heb het boek daarna nooit meer ingekeken en ik heb sinds die tijd ook nooit meer een brievenboek van Gerard Reve ter hand genomen.

Voor de goede orde: ik heb vele brievenboeken van onze Grote Volksschrijver gelezen: Brieven aan Wimie, Brieven aan Simon C., Ik had hem lief, er was een tijd dat ik het ene brievenboek nog niet uit had of ik begon alweer aan het volgende.

Maar op een gegeven moment weet je het wel. Reve voert in zijn epistels aan zijn talloze correspondenten bijna altijd min of meer dezelfde act op en daar gaat de lol na een tijdje wel vanaf.

Ik zal daarom de binnenkort te verschijnen bundel Zeer fijne boy, die de correspondentie bevat met tv-maker Jef Rademakers, niet gaan kopen. Nee, ik herlees liever de twee brieven die ik van Reve mocht ontvangen in de jaren tachtig van de vorige eeuw…

Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.