Hoedt u voor de woordenzwendelaars!

Een goede dichter haalt overal zijn inspiratie vandaan

Vandaag (17 september 2017) lees ik de zaterdageditie van De Volkskrant. Daarin staat in, in het katern Sir Edmund, een interessant artikel van poëzierecensent Arjan Peters.

Peters giet zijn artikel in de vorm van (fictieve?) brieven aan drie bekende Nederlandse dichters (in volgorde van opkomst: Ellen Deckwitz, Menno Wigman en Laura van der Haar). Het antwoord van het Parnassus-triumviraat staat steeds achter de brief.

Arjan Peters uit in zijn brief aan Deckwitz het vermoeden ‘dat de lezer van poëzie gemakkelijker belazerd kan worden dan de lezer van proza’. Daarmee bedoelt hij dat we keurig eerbiedig doen, als een dichter de P.C. Hooftprijs heeft gekregen en inmiddels tot de émincence grise van de dichtkunst is gaan behoren.

Als zo iemand beschamende flauwiteiten opdist door twintig keer ‘Een ogenblik geduld alstublieft/We zullen u zo spoedig mogelijk te woord staan’ achter elkaar te zetten en daar dan de titel Telforts droom aan te geven, dan is er niet snel iemand die opstaat en luidkeels zegt: ‘De keizer heeft geen kleren aan!’ Terwijl je dat wel gewoon zou moeten doen, want iemand die de P.C. Hooftprijs heeft durven toucheren voor zijn oeuvre moet zich de oren van zijn kop schamen dat hij met dit soort gemakzuchtige rotzooi aan komt zetten.

Maar ja, stelt Arjan Peters terecht,’poëzielezers denken al gauw dat het aan hen ligt’; je wilt niet voor achterlijk of bekrompen versleten worden, nietwaar, dus als een oude winnaar van een van de belangrijkste literaire prijzen zo’n gemakzuchtige ready made in zijn nieuwste bundel durft te plaatsen, dan denk je als lezer al snel: tsja, ik vind het stiekem niks, maar K. Schippers doet het, dus hij zal er wel een diepere bedoeling mee hebben die ik niet vat. Terwijl de enig legitieme reactie is na het lezen van Garderobe, kleine zaal is: Oplichterij! Ik wil mijn geld terug!

Helemaal stuitend wordt het wanneer Schippers maar liefst vijf (!) pagina’s van zijn prulbundel volplempt met… cijfers op bonnetjes van een garderobe… Je moet maar durven. Om het maar eens vrij naar de goeie ouwe Gerard Reve te zeggen: K. Schippers moet maar eens duchtig geranseld worden, dat hij ophoudt duur papier te bederven.

En zo komt Arjan Peters op een fenomeen dat (helaas) meespeelt bij de beoordeling van een gedicht: de reputatie van de dichter. Als een op zich zwak gedicht ineens geschreven blijkt te zijn door een gerenommeerde dichter als Tonnus Oosterhoff, dan zijn lezers die het gedicht, toen het nog anoniem was afserveerden als slecht, ineens bereid er diepere lagen in te zien, puur en alleen omdat ze zijn geïntimideerd door de naam van de dichter die erachter blijkt te zitten.

Deckwitz pleit daarom niet onterecht voor een tijdschrift waarin alleen gedichten staan – zonder de namen van de makers daaronder.

In het verlengde hiervan leek het mij leuk eens de volgende proef te doen:

Je schrijft op een voddig blaadje in niet al te mooi handschrift een van de beste gedichten van Nijhoff of Achterberg en van een pruldichter print je een gedicht uit op mooi papier in een fraai lettertype en laat dat aan mensen lezen. Eens kijken of de argeloze lezertjes zich door het uiterlijk in de luren laten leggen of dat ze daardoorheen kijken. Tien tegen een dat het mooi uitgevoerde pruldicht hoger gewaardeerd wordt dan de klassieker op een vodje.

Goed, laten we afsluiten met een goed gedicht. Het is Winnetou van Achterberg. Heel transparant, maar je wordt in ieder geval niet bedonderd. Ik vind het prachtig.

Winnetou

O oude boek met zijn aparte geur.
Zoet en verzaligd uur,
dat ik u las en zat in suizen neer,
om ons tesaamgetrokken tot een muur.

Sinds braken de gebeurtenissen door
des levens en teloor
ging uw verhaal in het wereldrumoer.
En mijn geheugen wist uw woord niet meer.

Hier vinden wij elkaar eindelijk weer
Gij hieldt dezelfde kleur.
De blanke tovercirkel van weleer
opent zich en ik sluit de deur.

Opnieuw begint het zoeken van het spoor.

© Gerrit Achterberg

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Reageren is niet mogelijk