Dichters

De tap stond weer
als een spuigemaal open
en de woorden begonnen weer
als mieren door elkaar heen te lopen.

Mijn kameraad zei
– bierglas als een nonchalante microfoon
voor zijn doordrankte kop –

‘André jongen, wij dichters
zijn de seismografen
van het menselijk gemoed.
Wij zijn antennes
op de daken van de stad
en vangen noodkreten op.’

Ik keek hem sprakeloos aan.
Zijn woorden zonken  
met de drank in mij af.

Wees nou eerlijk:
Wie zou het
met zo’n serieuze taak op zijn schouders
van tijd tot tijd
niet gigantisch op een zuipen zetten?

© André Degen

Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.