De ondraaglijke zwaarheid van het bestaan

schrijver-joost-zwagerman-pleegt-zelfmoord Joost Zwagerman

Vandaag (9 september 2015) was een zonnige dag, maar voor literair Nederland schoof er een donkere wolk voor de zon: tegen middernacht/vroeg in de morgen bereikte ons achterblijvers in deze negende september het bericht dat Joost Zwagerman de afgelopen nacht een eind aan zijn leven heeft gemaakt.

Gisteravond zou Joost Zwagerman in het radioprogramma Opium komen praten over zijn nieuwe essaybundel De stilte van het licht. Hij kwam niet opdagen. En zo kreeg de term ‘radiostilte’ ineens een wrange bijklank, zoals alles wat een zelfmoordenaar heeft gezegd of geschreven ineens een aparte lading krijgt.

Een zelfmoord is als de van haar man weglopende vrouw die zich op de drempel nog even omdraait en dan haar verbijsterde echtgenoot op de bank toevoegt: ‘O ja, en dan nog wat: ik heb nooit van je gehouden.’ Alle voorgaande handelingen komen plotseling in een ander daglicht te staan.

Vandaag worden we de hele dag doodgegooid met onvermijdelijke memoriams, op tv en op het internet. En daarna wordt het al heel snel oorverdovend stil rondom Joost Zwagerman ben ik bang, want zo vergaat het bijna alle dode bekende kunstenaars in ons hijgerig tijdsgewricht (wie heeft het nu nog over Luc de Vos van Gorki, nog geen jaar dood?).

Zelf zal ik niet een uitgebreid gedenkstuk schrijven over mijn leeftijdgenoot. Ik heb Joost maar één keer kort ontmoet en gesproken tijdens de Poëziemarathon van 2002 in Groningen en ik was eerlijk gezegd niet zo’n fan van zijn oeuvre. Maar dat zelfs drie kinderen hem er niet toe hebben kunnen overhalen te blijven leven, vind ik schokkend.

Voor Joost het prachtige gedicht Alone van Edgar Allan Poe dat Gerard Reve citeert aan het begin van zijn roman Oud en eenzaam als motto voor zijn mooiste boek:

Alone

From childhood’s hour I have not been
As others were; I have not seen
As others saw; I could not bring
My passions from a common spring.
From the same source I have not taken
My sorrow; I could not awaken
My heart to joy at the same tone;
And all I loved, I loved alone.
Then- in my childhood, in the dawn
Of a most stormy life- was drawn
From every depth of good and ill
The mystery which binds me still:
From the torrent, or the fountain,
From the red cliff of the mountain,
From the sun that round me rolled
In its autumn tint of gold,
From the lightning in the sky
As it passed me flying by,
From the thunder and the storm,
And the cloud that took the form
(When the rest of Heaven was blue)
Of a demon in my view.

Edgar Allan Poe

Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *