La belle époque

Er is ergenseen fotoin een albumop zolder Daar zitten mijn oudersnaast hun caravanin de zon die toen noggul voor hen was. Tegelijk met de voortenthebben ze een blauwe koepelboven zich uitgespannen. De zon hangtgoed in het glas.Mijn moeder grasduintin een vlinderfladderblad,mijn vader schaduwteen inspecteur in Parijs. Hun horloges zijn afgelegd;zoals…

Lees verder

Nazomer

In de naaldenkuilwaar de liefde graf hieldzegen wij neeren wachtten totde man met paard en wagenvoorbij gewiegeld was. Hij had huiverrimpelsin onze rug geploegd.Het laatste zonlichthing in de boomtoppenvluchtige eeuwige sneeuw. Minuscule bommensloegen venijnig putjesin onze weerloze huid. © André Degen

Lees verder

Zomermaaltijd

Van de kaartlas ik een ode vooraan lippen, tong en mond. Elke gang een couplet,de ober en jij mijn enig gehoor. Verrassingsmenu;wij namen watde zon ons voorstoofde. Jij serveerde jezelfà la carte.Met amusesliet je mijmondjesmaatvoorproeven. Ik nam de wijnrouteslingerde langssappig groenom te landen ineilandjes van fondant. © André Degen

Lees verder

Ballonvaart

Tijdens een ballonvaartzeg ik tegen mijn ouders:‘De waren redendat ik jullie dit aanbiedis dat de erfenismij toevaltals ik jullieoverboord kieper.Ik heb het almet de kapiteinop een akkoordje gegooid.’ Lachend blijven ze vertrouwenop de bodem van de mand waaronder toch een halve kilometerdoorval ligt. Wij konden het altijd alprima uithouden met…

Lees verder

Contusio cerebri

De dichter André Degendeed sterren vonken van asfaltkreeg een amuse-gueulevan de dood. Hij was na deze daaddrie minuten van de wereld drie minutenlanger kon de wereld het licht in zijn ogenniet missen. In die korte tijdwas er een kraag gegroeid om zijn nek.Wie wilde deze watergeestimmobiliseren? Knock-out na de laatste…

Lees verder

Doorslag

Zon in de kracht van zijn mei geklapper van duivenvleugels op bladerdichte takken meisjesgegil vier tuinen verderop dat alles is toch overduidelijk leven maar door het klokgebeier daardoorheen en de gedachten aan een vriend die zich moet afkeren van de zon buigen deze regels als takken zwaar van ijzelregen door…

Lees verder

Het bureau van mijn vader

Het bureau staat nu bij ons op zolder. Als er aan werd gebeld vluchtte mijn vader die schuilkelder in. Met de verschijning van mijn moeder doemde kust veilig voor hem op. Dankzij haar werd hij opgevouwen foetus steeds opnieuw geboren. Bij ieder opstaan dronk hij een voorteug van bevrijding. Ik…

Lees verder

Het aloude ontwaken

De lente kan nog maar net op eigen benen staan, om de zondooier is het vlies gebroken, een nieuwe generatie moet uit holen en burchten het land in. We snuiven sporen uit de lucht. We wijzen windhanen aan als wegwijzers en beloven hun richtingen te gaan. Sportvliegtuigjes omhangen de transparante…

Lees verder

Het aloude ontwaken

De lente kan nog maar net op eigen benen staan, om de zondooier is het vlies gebroken, een nieuwe generatie moet uit holen en burchten het land in. We snuiven sporen uit de lucht. We wijzen windhanen aan als wegwijzers en beloven hun richtingen te gaan. Sportvliegtuigjes omhangen de transparante…

Lees verder

Projectie

Mam, nu wij niet langer op de zoneweide liggen de badlakens verschoten zijn jouw jurk uitgelopen zie ik dat ook jouw jeugd blootstond aan de camera. Verkleedkleuren in optocht de projector schroeit het stof weg niet te lang stilstaan bij een dia anders brandt hij door. Als het donker maar…

Lees verder