Posts made in oktober, 2015

Envelop met inhoud voor Teigetje

Reve met kroontjespen Een tamelijk jonge Reve met kroontjespen

Toegegeven, het is geen brekend nieuws -‘Er is groter nieuws denkbaar, dat weet ik’, schrijft Arjan Peters zelf al in zijn column ‘De wederkomst van Reves wonderpen’ in de Volkskrant van vandaag (31 oktober 2015)- maar voor de revianen onder ons is het een leuk weetje (als het artikel niet meer te lezen is dan kun je het ook hier tot je nemen (klik op de afbeelding om de tekst leesbaar te maken):

Arikel Arjan Peters over kroontjespen Reve

Na bijna een halve eeuw (47 jaar, om precies te zijn) is de kroontjespen waarmee Gerard Reve zijn terecht klassiek geworden prachtboek Nader tot u schreef en die hem in 1968 tijdens een rondleiding in zijn huis in het Friese Greonterp ontstolen is, namelijk teruggegeven; niet aan de rechtmatige eigenaar, aangezien die vanwege mortaliteitsredenen de pen niet in ontvangst kon nemen, maar aan de man die hem ooit zeer na stond: Teigetje aka Willem Bruno van Albada.

Ik vind het – hoewel een fervente reviaan, zoals trouwe lezertjes van dit weblog weten,- evenmin een opmerkelijk nieuwtje, maar wat me in het bericht fascineert is, ten eerste, dat de diefstal de man gedurende 47 jaar blijkbaar niet lekker blijft zitten en, ten tweede, dat voormalige partner Teigetje de onaanzienlijke pen na al die tijd herkent (‘Daar had hij nog altijd spijt van. Daarom overhandigde hij Tijger een envelop. Die herkende de penhouder en de onaanzienlijke pen waarmee Gerard destijds Nader tot U had geschreven.’)

Om dit heuglijke feit te vieren, schrijft Teigetje aan Arjan Peters,’signeer ik op maandagmiddag 14 december in Tresoar in Leeuwarden op Gerard zijn verjaardag, tijdens een feestelijke ontvangst met rode wijn, met deze literaire pen het boekje De Goede Dief, dat voor deze gelegenheid wordt gedrukt.’

Na bijna een halve eeuw keert het werktuig dat door Zijn hand werd geleid terug naar Zijn Schepper (nou ja, indirect); prachtig toch? En Reve schreef met die ontvreemde kroontjespen magistrale passages als deze:

Huize Algra, vrijdagmiddag 17 juli 1964. Ik weet, dat ik nog veel verder, zo ver als maar enigszins mogelijk is, zou moeten terugkeren in het Verleden, en dat ik tenslotte zelfs zou moeten proberen de grens van de nog gestalte hebbende herinnering te overschrijden, want daarachter moet, van de verschrikking die ‘dit rampzalig leven’ inhoudt, de verklaring te vinden zijn. Misschien zal het me, als ik nog lang genoeg leef en blijf volhouden, eens gelukken, zodat ik eindelijk de verregende, donkere beelden – soms in het per ongeluk tot stilstand gekomen apparaat door de gloeiende projectielamp bijna geheel in druipende stroop veranderd – zal kunnen duiden.’
(Uit: Brief uit het verleden, Nader tot u, p. 21)

facebooktwitterby feather
Reageer >>>

Gevangen schrijvers

Chanson d'automne Het prachtige gedicht Chanson d’automne (Herfstlied) Van Paul Verlaine op – heel toepaselijk – de muur van een kerkhof in Leiden (klik op de foto voor een vergroting, zodat de tekst leesbaar wordt).

Vandaag (29 oktober 2015) staat er in het katern V een artikel over het promotie-onderzoek van Maarten Asscher over auteurs die in de gevangenis schrijven.

Onder hen (uiteraard) Oscar Wilde, die tot twee jaar gevangenisstraf werd veroordeeld, vanwege immoreel gedrag (‘gross indecency’). Maar ik mis in Asschers studie de Franse dichter Paul Verlaine die, na een mislukte, halfhartige aanslag op zijn vriend/minnaar Arthur Rimbaud eveneens twee jaar in het cachot verdween (terwijl Rimbaud nota bene zijn aanklacht had ingetrokken).

Verlaine componeerde er zijn eigen De profundis (de lange brief die Wilde naar aanleiding van zijn verblijf in het gevang schreef) in de vorm van niet atijd even verteerbare verzen; hij hervond tussen de vier muren namelijk zijn christelijke geloof en dat is voor een dichter vaak niet een bron van fraaie poëzie. Zijn bundel Sagesse (Wijsheid) is grotendeels de neerslag van zijn verblijf in de gevangenis.

Liever gedenk ik Verlaine met Chanson d’automne, Herfstlied (hoe toepasselijk op deze grijze, doodstille herfstdag eind oktober). Een van zijn mooiste gedichten vind ik. Hierin is Verlaine zijn adagium “De la musique avant toute chose” zeer getrouw:

Chanson d’automne

Les sanglots longs
Des violons
De l’automne
Blessent mon coeur
D’une langueur
Monotone.

Tout suffocant
Et blême, quand
Sonne l’heure,
Je me souviens
Des jours anciens
Et je pleure;

Et je m’en vais
Au vent mauvais
Qui m’emporte
Deçà, delà
Pareil à la
Feuille morte.

Een vertaling daarvan luidt:

Herfstlied

Droeve tonen
van violen
die in ’t najaar klinken
laten mijn hart
in verlangende smart
verzinken.

De keel gesnoerd,
doodsbleek, geroerd
als klokken luiden,
denk ik nog aan
wat is gegaan
en wil ik huilen.

En ik moet voort
waar wind mij voert,
mee op zijn boze pad,
van hier naar daar,
als was ik maar
een najaarsblad.

(vert. M.H. Teunissen)

facebooktwitterby feather
Reageer >>>

De natuur als pretpark

ruige natuur Ruige natuur in Zuid-West Ierland (klik op de foto voor VERGROTING)
© www.vijftigplusser.nl (een site waar ik bij toeval op stuitte, jullie moeten me geloven)

Vandaag (21 oktober 2015) is het wat grijs, triestig weer, dus een cultuurpessimistische beschouwing kan best even.

Want wat lees ik namelijk in De Volkskrant? (en Jean-Pierre Geelen schrijft er ook over in zijn column van vandaag). Er worden op de Hoge Veluwe momenteel door hobbyfotografen met nul gevoel voor de natuur heuse drijfjachten georganiseerd om herten voor de camera te krijgen, zodat deze natuurverstorende sukkels hun mooiste plaatje kunnen schieten.

Geen jachtgeweren maar telelenzen als kanonnen, en per saldo bijna net zo schadelijk, want door dit opjaaggedrag gaan de dieren stressreacties vertonen, waardoor ze samenklonteren in roedels van dertig, veertig individuen (net als zebra’s die worden verenigd door hun angst voor een leeuw), waar groepjes van acht tot tien normaal zijn.

Het deed me denken aan mijn backpacktijd (lang geleden, jongens en meisjes; we hadden de gulden nog – Indië waren we net kwijt -, het was in de tijd dat een vrouw nog zonder morren de sloffen klaarzette voor haar man, wanneer die afgemat thuiskwam van zijn werk. Ja, het is echt lang geleden). Ook toen werden er dieren achterna gezeten door mijn medereizigers, enkel en alleen voor die ene, geweldige foto waarmee ze thuis konden pronken.

Ik herinner me een tocht naar het Nakuru-park in Kenia. Onze gids had onze groep duidelijk de instructie gegeven niet te dicht bij de nijlpaarden te komen en bij het fotograferen geen flits te gebruiken. Beide instructies werden grof met voeten getreden, met één keer een gevaarlijke situatie tot gevolg.

Het jaar daarvoor was ik naar de Galápagos-eilanden geweest. Daar was een verwende Amerikaanse in ons gezelschap dat met zo’n typische, whining intonatie op een gegeven moment ongeduldig uitriep: ‘I wanna swim with the sea lions!’ Zeeleeuwen als een soort extra attractie in een wildwaterparadijs (net zoiets als dit. Koalaberen als knuffels.)

Beide gebeurtenissen pasten wat mij betreft in, wat je met een fraai Nederlands woord de verpretparkisering van de natuur zou kunnen noemen; de zogenaamde ‘ruige’, ‘ongetemde’ natuur staat geheel in dienst van de in zijn ego zwelgende mens. Een selfie maken met een berggorilla, al is het beest er helemaal niet van gediend dat je zo dicht bij hem komt, op de Galápagos een zeeleguaan oppakken, omdat je met hem op de foto wilt, surfen op de rug van een walvishaai of herten opdrijven omdat je ze pal voor de camera wilt hebben.

Je ziet dat ook in natuurprogramma’s terugkomen, als Freek Vonk in Australië; de bioloog/thrillseeker (Hear, hear) die werkelijk geen beest rustig kan laten zwemmen, kruipen of lopen zonder erop te duiken. Dat geeft de programmaomschrijving nota bene zelf toe: ‘Hij ontdekt welke dieren hier de dienst uitmaken. Nooit van een veilige afstand, maar altijd van dichtbij en het liefst erbovenop.’

(Ik erger mij altijd groen en geel als ik die selfkicker wéér een nietsvermoedende slang uit zijn hol zie trekken of als hij wéér een koala niet met rust kan laten. Het toppunt vond ik wel dat hij minutenlang een kraaghagedis achterna zat en ten lange leste het arme beest in zijn klauwen hield en godbetert toegaf dat zo’n Chlamydosaurus kingii alleen in stress-situaties zijn kraag opzet. Freek Vonk, de bioloog, hij moet zich de ogen uit zijn kop schamen. Maar dit geheel terzijde.)

Maar zelfs in serieuzer ogende natuurdocumentaires als Earth Flight zien we die versensationalisering (weer zo’n fraai Nederlands woord) terugkomen. Cameraatjes gemonteerd om de nek van ganzen om maar zo’n spectaculair mogelijk plaatje te krijgen. Ik heb zelfs horen verluiden dat sommige van de aldus misbruikte vogels het niet overleefd hebben.

Tegenwoordig moet werkelijk alles dienen als entertainment (en ziehier het onvervalst cultuurpessimistische van dit stuk); de advocatuur, TBS’ers, hoeren, kinderen met het syndroom van Down, ongeneeslijk zieken, je kunt het zo gek niet bedenken of het wordt ingezet om ons kijkertjes te vermaken.

Is het tij nog te keren? Ik ben bang van niet. Afkicken van een verslaving kost moeite en doet pijn. En wij zijn verslaafd geraakt aan het snelste, giftigste, gevaarlijkste, lelijkste, etc. dier. De natuur is ons planeetgrote pretpark geworden. En dat laten we ons niet meer afnemen.

facebooktwitterby feather
Reageer >>>

Daar draai ik mijn knie niet voor om

Julien en André 4 Mijl 2015 Trotse zoon (zei hij zelf) en niet zo trotse vader (zei die ook zelf) na de 4 Mijl.

Nog even over gisteren (11 oktober 2015); toen werd de 29e editie van de 4 Mijl (6437 meter) gehouden tussen Haren en Groningen. 23.000 lopers die tegelijk op de grond neer dreunen, dat is natuurlijk vragen om moeilijkheden; wat zeg ik, dat is smeken om een aardbeving.

Ik deed traditiegetrouw mee (voor de twintigste? eenentwintigste? tweeëntwintigste? keer. Ik ben de tel kwijtgeraakt.), maar onder andere omstandigheden dan andere jaren. Begin september had ik door een ongelukkige ‘verstapping’ bij de edele tennissport mijn kniebanden verrekt. Ik had daar nog steeds last van en het was de vraag of het überhaupt verstandig was om te gaan rennen. Maar hé, 4 Mijl, al zo vaak meegedaan, zo gezellig, dus niet meedoen was eigenlijk geen optie.

Vandaar dat ik op die schraal-zonnige zondag 11 oktober wel gewoontegetrouw aan de start verscheen. En, ondanks mijn handicap, heb ik de 4 Mijl volbracht. Weliswaar in een veel langzamere tijd dan alle voorgaande jaren (ik klokte 30:12), maar goed, voor een geblesseerde vijftigplusser ‘niet slecht’.

Volgend jaar maar weer een ‘zevenentwintiger’ lopen.

facebooktwitterby feather
Reageer >>>

Eén keer daags inhaleren voor het beste resultaat

Phallus multicolor De Phallus multicolor (waarvan het mij niet lukt de Nederlandse naam te vinden), een paddestoel waaraan orgasmeopwekkende kwaliteiten worden toegeschreven. Het insect op de kop van de stinkzwamachtige moet daarom wel een Spaanse vlieg zijn.

Kijk, soms moeten we er even op wachten, maar dan komt er vanzelf weer een voorbij: een Onderzoek Dat De Mensheid Vooruit Helpt. Vandaag (10 oktober 2015) stuit ik – net na middernacht, om het nog wat pikanter te maken- namelijk op dit bericht.

Man, man, een paddestoel waarvan vrouwen die de geur ervan opsnuiven een orgasme krijgen: daar zit toch een luchtje aan, zou je zeggen, dat riekt naar een hoax. Maar nee, het staat in het International Journal of Medicinal Mushrooms en dan is het WAAR.

Wie nu meteen denkt: hé, het is herfst, paddestoelentijd, we gaan paddestoelen zoeken in de bossen voor een lange, hete herfst! Deze voortvarende mannen moeten we teleurstellen, want dit afrodisiacum groeit alleen op opgedroogde lavastromen op Hawaii.

Natuurlijk, ik heb een dirty mind, maar ik kan de soortnaam ‘Verstopt trilkorstje’ (waarvan de wetenschappelijke naam Achroomyces subabditus luidt; kijk maar hier),’Grasstengeltongetje’ of ‘Veelpuntig ballonnetje‘ niet meer lezen zonder scabreuze bijgedachten.

En zelfs de tekst van een onschuldig kinderliedje als ‘Op een grote paddestoel, rood met witte stippen’ komt in een ander daglicht te staan: ‘Krak’, zei toen de paddestoel, met een diepe zucht/Vlogen beide beentjes hopla in de lucht.’ Die diepe zucht en die beentjes in de lucht… wordt daarmee niet gewoon – omfloerst, weliswaar – een orgasme beschreven?

facebooktwitterby feather
Reageer >>>

Follow Us

facebooktwitterby feather