Posts made in februari, 2015

:-) :-) :-) :-) :-) :-)

smiley = konijnen

Hè hè, we hebben er even op moeten wachten, maar vandaag (6 februari 2015) hebben we er weer een te pakken: onderzoeken-die-de-wereld-vooruit-helpen. Trouwe lezertjes van dit weblog weten dat dit een vaste rubriek is op deze weblocatie. Wat deze diepgravende recherche inhoudt? Hou je vast: vrijstaande mensen die smileys gebruiken in hun tekstberichten hebben een significant hogere kans op seks; ruim 20%!. Nu jullie weer! Dit onderzoek heeft als bron het gezaghebbende tijdschrift Time, dus dan is het WAAR.

In het vervolg ga je als vrijstaande iemand je sms’jes toch anders, eh, formuleren. Wat ik me daarbij afvraag: zou zoiets ook werken bij andere taaluitingen?:-):-):-):-)

facebooktwitterby feather
Reageer >>>

En voor zó’n vogeltje laat jij je verkleumen?

Grijze junco
De grijze junco, zeer zeldzame dwaalgast uit Noord-Amerika, in Groningen
© Erik Menkveld

Vandaag (4 februari 2015) was een speciale vogeldag voor mij en was de de wijk Beijum even vogelaarswijk. Waarom? Nou, hierom!Door deze, zo op het eerste gezicht nogal onooglijke, gors was heel vogelend Nederland in rep en roer. Van heinde en verre waren vanaf eergisteren ornithologen naar Groningen getrokken.

Ik ging vanmorgen op de fiets naar de spotplaats, een luxe die ik niet vaak mag smaken als ik op zoek ga naar een zeldzame vogelsoort die waargenomen is in ons land; regelmatig moet ik naar plaatsen als Alkmaar, Den Helder, Zwolle en Vlieland rijden, om een bijzondere dwaalgast voor de lens te krijgen.

Toen ik aankwam op de plek waar de junco hyemalis al sinds maandag rondhipt, stond er al een grote rij vogelaars met grote camera’s in de aanslag, als een batterij vreedzaam luchtdoelgeschut. Ik werd al snel op m’n gemak gesteld door de in slagorde opgestelde heren (ja, vogelen is overwegend een mannenhobby): ik zou de grijze junco echt wel te zien krijgen, als ik maar geduld had. En inderdaad, na een minuut of tien liet de zeer zeldzame dwaalgast uit Noord-Amerika (hij is voor het laatst in 1962 gezien in ons land) zich bewonderen; aanvankelijk nogal vluchtig, omdat hij onrustig heen en weer vloog. Maar later kreeg ik hem in volle glorie voor de lens van mijn verrekijker.

Bij zo’n exoot bekruipt je al snel het onbehaaglijke gevoel: zou het wel ‘echt’ zijn of zou het gaan om een zogenaamde escape, een uit een volière of dierenpark ontsnapt individu? ‘Maar kenners gaan ervan uit dat het om een echte wilde vogel gaat’, aldus een artikel in het Dagblad van het Noorden. Laten we dat dan maar gemakshalve maar even aannemen, om de pret niet te bederven.

Ik kreeg trouwens, tot drie keer toe, een typisch vrouwelijke reactie na mijn mededeling dat ik de overzeese dwaalgast met eigen ogen gezien had: ‘Wat zielig, zo’n vogeltje helemaal alleen ver van huis.’ Tsja, zo had ik het nog niet bekeken, moet ik toegeven. Laten we hopen dat hij, nu hij de weg hiernaartoe heeft gevonden, de weg terug naar huis ook wel weer zal vinden. En anders zal hij hier eenzaam moeten sterven.

facebooktwitterby feather
Reageer >>>

Zeedrift

Het strand legt te kijk
wat de zee heeft uitgebraakt
van de aandoening mens.

De zee ruw bereden
door een storm
buiten elke voorspelling
hordeloopt de dijken over

Zodat wij
voor God
kruipend ongedierte
ons meer dan ooit
vastklampen
aan kerktorenspitsen
overgave in extremis.

Oceanen herenigd
bergtoppen rustpunten voor
sardonische meeuwen.

Nooit meer land in zicht
godzijdank.

Golven duwen elkaar voort
in een eindeloze
ongeremde
polonaise.

© André Degen

facebooktwitterby feather
Reageer >>>

‘En hiermee eindigt de Literaire Wandeling…’

André voor café Marleen 2
Nog één keer is de Kleine Pelsterstraat 7 café Marleen (klik op de foto voor een vergroting).

Vandaag (1 februari 2015) leverde ik een bijdrage aan de ‘Stadswandeling Poëtisch Groningen‘. Literaire gids Douwe van der Bijl nam hierin mensen mee naar plekken die een rol hebben gespeeld in het werk en leven van Groninger dichters. Her en der in onze mooie Martini-stad stonden collega’s van mij die iets vertelden over de betekenis van die plaats voor dichters als Rutger Kopland en Hendrik de Vries.

Mij, als enig overgebleven Dichtclub-lid van het eerste uur, was gevraagd of ik aanwezig wilde zijn bij het voormalige café Marleen (nu café De Pels) waar de Dichtclub bijna twaalf jaar lang een onderkomen heeft gevonden. Natuurlijk wilde ik dat graag doen.

Ruim voordat het gezelschap onder leiding van Douwe van der Bijl bij de Pelsterstraat 7 aankwam, had ik me daar al opgesteld, ijsberend voor de gesloten toegangsdeur, hardop de bewoordingen herhalend waarin ik de geschiedenis en de betekenis van café Marleen voor het culturele leven van de stad Groningen zou schetsen.

Toen de groep literair geïnteresseerden aan was gekomen, vertelde ik in het kort het verhaal achter de Dichtclub. Het was een vreemde gewaarwording voor voormalig café Marleen te staan en het reilen en zeilen van de Dichtclub uit de doeken te doen als iets wat geweest was. Het voelde als een tweede afscheid.

Omdat, zoals ik zei, ‘we hier staan voor een café,’ leek het mij gepast een drankgedicht te doen. Dat werd Vastzitten, een gedicht dat ik voor het eerst ten gehore bracht tijdens een Dichtclub-avond:

Vastzitten

Ik klets glazen drank
tegen mijn gezicht aan
en het begint
alweer uit te lopen.

Ik leg aan
bij twee vrouwen
glibber weg
over de eerste de beste zin.

Ze giechelen
genoeg aanmoediging
om weg te gaan

maar ik heb mijzelf
alweer vastgezet
in kleverigheid.

Ik staar in amber
troebel.
Groene blaadjes
zullen tot droesem dwarrelen.

Mijn verhaal past op
de achterkant van
een viltje.
Ik schrijf het rond.

De barkeepster
heeft het briefje
als recept
voor mij klaarliggen.

Ik staar naar de hekjes
hordes
zover als ik kan kijken.

© André Degen

facebooktwitterby feather
Reageer >>>

Follow Us

facebooktwitterby feather